ALGEMENE VOORWAARDEN to Build B.V.
De algemene voorwaarden van to Build B.V. zijn van toepassing op alle offertes van to Build B.V., alsmede op alle overeenkomsten die to Build B.V. met een opdrachtgever sluit. In deze algemene voorwaarden zal de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid to Build B.V. verder worden aangeduid als "aannemer". De natuurlijke persoon of rechtspersoon met wie aannemer een overeenkomst sluit of heeft gesloten of aan wie door of namens aannemer een offerte is of wordt gedaan, wordt hierna nader aangeduid als "opdrachtgever". Andersluidende voorwaarden maken alleen deel uit van de tussen partijen gesloten overeenkomst of hun rechtsverhouding, indien en voor zover beide partijen dat nadrukkelijk schriftelijk zijn overeengekomen. Het door de opdrachtgever accepteren en behouden van een offerte en/ of opdrachtbevestiging/ overeenkomst geldt als instemming met de toepassing ervan. Het (mogelijk) niet van toepassing zijn van (een deel van) een bepaling vervat in deze algemene voorwaarden laat de toepasselijkheid van de overige bepalingen onverlet.
Artikel 1: OFFERTE
1.De offerte wordt schriftelijk uitgebracht, behoudens spoedeisende omstandigheden.
2.In de schriftelijke offerte kan onder meer worden aangegeven:
- de plaats van het werk;
- een omschrijving van het werk;
- volgens welke tekeningen, technische omschrijvingen, ontwerpen en berekeningen het werk zal worden uitgevoerd;
- het tijdstip van aanvang van het werk;
- de termijn waarbinnen het werk zal worden opgeleverd;
- de prijs van het in de offerte omschreven werk. Alle (genoemde) prijzen en (uur)tarieven zijn exclusief omzetbelasting (btw), tenzij uitdrukkelijk anders staat vermeld;
- of betaling van de aannemingssom in termijnen zal plaatsvinden;
- of op het werk een risicoregeling van toepassing zal zijn, en zo ja welke;
- of met stelposten rekening is gehouden, en zo ja met welke;
- of hoeveelheden verrekenbaar zullen zijn, en zo ja welke;
- de toepasselijkheid van deze algemene voorwaarden op de offerte en op de daaruit voortvloeiende (aannemings)--overeenkomst.
3.De termijn waarbinnen het werk zal worden opgeleverd wordt bepaald door hetzij een bepaalde dag, hetzij een aantal werkbare werkdagen te noemen. Indien de termijn waarbinnen het werk zal worden opgeleverd wordt bepaald door een bepaalde dag, dan is deze dag nimmer aan te merken als een fatale termijn (zie art. 7 lid 1 hierna.
4.De offerte wordt gedagtekend en geldt ingaande die dag gedurende dertig dagen.
5.De offerte gaat vergezeld van:
- een exemplaar van deze algemene voorwaarden;
- een exemplaar van de in de offerte van toepassing verklaarde risicoregeling.
6.Tekeningen, technische omschrijvingen, ontwerpen en berekeningen, die door de aannemer of in zijn opdracht vervaardigd zijn, blijven eigendom van de aannemer. Zij mogen niet aan derden ter hand worden gesteld of getoond met het oogmerk een vergelijkbare offerte te verkrijgen. Zij mogen evenmin worden gekopieerd of anderszins vermenigvuldigd.
Indien geen opdracht wordt verleend dienen deze bescheiden binnen 14 dagen na een daartoe door de aannemer gedaan verzoek Franco aan hem te worden teruggezonden.
7.Wanneer de offerte niet wordt geaccepteerd, is de aannemer gerechtigd de kosten die gemoeid zijn met het tot stand brengen van de offerte aan degene op wiens verzoek hij de offerte uitbracht in rekening te brengen.
Artikel 2: RISICOREGELING
1. Aannemer is te allen tijde gerechtigd tot verrekening over te gaan van prijsstijgingen o.a. door stijging van lonen en (inkoop)prijzen c.q. om deze in rekening te mogen brengen bij opdrachtgever, ongeacht of deze stijgingen voorzien/onvoorzien waren en ongeacht of deze binnen of buiten een normaal te achten aannemersrisico zitten.
Artikel 3: VERPLICHTINGEN VAN DE OPDRACHTGEVER
1.De opdrachtgever zorgt ervoor dat de aannemer tijdig kan beschikken over:
- de voor de opzet van het werk benodigde gegevens en goedkeuringen (zalsvergunningen, ontheffingen en beschikkingen), zo nodig in overleg met de aannemer;
- het gebouw, het terrein of het water waarin of waarop het werk moet worden uitgevoerd;
- voldoende gelegenheid voor aanvoer, opslag en/of afvoer van bouwstoffen enhulpmiddelen;
- aansluitingsmogelijkheden voor elektrische machines, verlichting, verwarming, gas, perslucht en water.
2.De benodigde elektriciteit, gas en water zijn voor rekening van de opdrachtgever.
3.De opdrachtgever dient ervoor te zorgen, dat door anderen uit te voeren werkzaamheden en/of leveringen, die niet tot het werk van de aannemer behoren, zodanig en zo tijdig worden verricht, dat de uitvoering van het werk daarvan geen vertraging ondervindt.
Artikel 4 :AANSPRAKELIJKHEID VAN DE OPDRACHTGEVER
1.De opdrachtgever draagt de verantwoordelijkheid voor de door of namens hem voorgeschreven constructies en werkwijzen, daaronder begrepen de invloed, die daarop door het bestaande gebouw en/of de bodemgesteldheid wordt uitgeoefend, alsmede voor de door ofnamens hem gegeven orders en aanwijzingen.
2.Indien bouwstoffen of hulpmiddelen, die de opdrachtgever ter beschikking heeft gesteld, dan wel door hem zijn voorgeschreven, gebreken mochten hebben, is de opdrachtgever aansprakelijk voor de daardoor veroorzaakte schade.
3.De gevolgen van de naleving van wettelijke voorschriften of beschikkingen van overheidswege die na de dag van de offerte in werking treden, komen voor rekening van de opdrachtgever, tenzij redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de aannemer die gevolgen reeds op de dag van de offerte had kunnen voorzien.
4.De opdrachtgever is aansprakelijk voor schade aan het werk als gevolg van door hem of in zijn opdracht door derden uitgevoerde werkzaamheden of verrichte leveringen en diensten.
5.Indien na de totstandkoming van de overeenkomst blijkt dat het bouwterrein verontreinigd is of de uit het werk komende bouwstoffen verontreinigd zijn, is de opdrachtgever aansprakelijk voor de daaruitvoortvloeiende gevolgen.
Artikel 5: VERPLICHTINGEN VAN DE AANNEMER
1.De aannemer is verplicht het werk goed en deugdelijk en naar de bepalingen van de overeenkomst uit te voeren. De aannemer dient het werk zodanig uit te voeren, dat daardoor schade aan persoon, zaak of milieu zoveel mogelijk wordt beperkt. De aannemer is voorts verplicht de door of namens de opdrachtgever gegeven orders en aanwijzingen op te volgen, mitsdeze orders en aanwijzingen als redelijk beschouwd mogen worden.
2.Het werk en de uitvoering daarvan zijn voor verantwoordelijkheid van de aannemer met ingang van het tijdstip van aanvang tot en met de dag waarop het werk naar de mening van de aannemer als voltooid wordt beschouwd (zoals bedoeld in artikel 8 lid 1 van deze algemene voorwaarden).
Artikel 6: AANSPRAKELIJKHEID VAN DE AANNEMER
1.De Aannemer zal slechts aansprakelijk zijn voor schade, rechtstreeks voortvloeiende uit voorzienbare en vermijdbare ernstige toerekenbare tekortkomingen en direct verband houden met (de uitvoering van) het werk, tenzij deze schade het gevolg is van buitengewone omstandigheden tegen de schadelijke gevolgen waarvan de aannemer geen passende maatregelen heeft behoeven te nemen en het onredelijk zou zijn de schade voor zijn rekening te doen komen. Eenzelfde beperking geldt ten aanzien van derden, hulppersonen en/of personeelsleden die aannemer bij de uitoefening van haar werkzaamheden gebruikt.
2.Iedere (wettelijke) plicht tot schadevergoeding van aannemer jegens opdrachtgever, uit welke hoofde dan ook, is te allen tijde beperkt tot vergoeding van – uitsluitend – de directe schade (zoals bedoeld in lid 6 van dit artikel) tot maximaal de aanneemsom, echter nooit meer dan het bedrag dat in het desbetreffende geval door de verzekering (bijv. CAR en/of aansprakelijkheidsverzekeraar en/of enige verzekering van opdrachtgever) van aannemer wordt uitgekeerd c.q. vergoed, vermeerderd met het (eventuele) eigen risico van aannemer.
3.Indien en voor zover de verzekeraar van de aannemer, om welke reden dan ook, niet tot uitkering c.q. vergoeding over mocht gaan, zoals bedoeld in lid 2 van dit artikel, alsdan is de eventuele (wettelijke) plicht tot schadevergoeding, uit welke hoofde dan ook, van aannemer beperkt tot maximaal € 2.500,00 per geval.
4.Indien en voor zover om welke reden dan ook, de verzekeraar van aannemer niet tot uitkering c.q. vergoeding overgaat, zoals bedoeld in lid 2 van dit artikel, dan wel een (of meerdere) beperking(en) in de aansprakelijkheid van aannemer, zoals bedoeld in dit artikel, in strijd is (of zijn) met toepasselijke dwingendrechtelijke wetgeving of niet door de rechter wordt gehonoreerd (bijvoorbeeld wegens strijd met de redelijkheid en billijkheid) en dit zou leiden tot aansprakelijkheid van aannemer voor schade (indirecte schade daarbij eventueel inbegrepen) die meer dan € 2.500,00 bedraagt, dan is de aansprakelijkheid, althans de (wettelijke) plicht tot schadevergoeding van aannemer beperkt tot ten hoogste € 2.500,00.
5.De in de leden 2 tot en met 4 van dit artikel genoemde maximumbedragen komen echter te vervallen indien, maar uitsluitend voor zover de schade (mede) het gevolg is van opzet, bewuste roekeloosheid of grove schuld van de zijde van aannemer.
6.Onder directe schade moet uitsluitend worden verstaan:
- materiële schade aan de eigendommen van opdrachtgever;
- redelijke kosten, die de opdrachtgever heeft gemaakt ter vaststelling van de aansprakelijkheid en (de omvang van de directe) schade;
- redelijke kosten, die opdrachtgever heeft gemaakt ter voorkoming of beperking van de schade, voor zover de opdrachtgever aantoont dat deze kosten hebben geleid tot een beperking van de directe schade;
- redelijke kosten, die de opdrachtgever heeft gemaakt ter verkrijging van voldoening buiten rechte, zoals bedoeld in artikel 6:96 lid 1, sub c, BW.
7.De aannemer kan in geen enkel geval aansprakelijk worden gesteld voor c.q. worden verplicht tot vergoeding van eventuele indirecte en/of incidentele schade, tenzij de toepasselijke dwingendrechtelijke wetgeving deze uitsluiting, althans een gehele uitsluiting, van (een deel van) deze schade niet toelaat. Onder indirecte en/of incidentele schade wordt onder andere (doch niet uitsluitend) verstaan: gevolgschade, omzet en/of winstderving, gemiste besparingen, schade door bedrijfsstagnatie c.q. stilstand en/of kosten gemaakt ter voorkoming, vaststelling of beperking van indirecte en/of incidentele schade en/of de aansprakelijkheid daarvoor, kosten gemaakt ter verkrijging van voldoening buiten rechte van de indirecte/incidentele schade. Mocht de aannemer toch aansprakelijk zijn voor indirecte schade, dan geldt het bepaalde in lid 4 van dit artikel (inclusief directe schade).
8.Aannemer is voorts niet aansprakelijk voor de gevolgen van door opdrachtgever verstrekte onjuiste informatie.
9. In alle gevallen is de termijn waarbinnen de aannemer tot vergoeding van schade kan worden aangesproken beperkt tot 6 maanden na oplevering (zoals bedoeld in artikel 9 van deze algemene voorwaarden). Ingeval de opdrachtgever een natuurlijk persoon is die niet handelt in de uitoefening van een beroep of bedrijf, geldt een maximale termijn van één jaar na oplevering.Deze termijnen zijn vervaltermijnen. Indien niet uiterlijk binnen deze termijnen een rechtsgeding aanhangig is gemaakt bij de bevoegde rechterlijke instantie, dan komt het onderliggende vorderingsrecht onherroepelijk te vervallen. Deze termijnen zijn niet te stuiten anders dan door het aanhangig maken van een geschil bij een bevoegde rechterlijke instantie.
10. De opdrachtgever verliest zijn rechten jegens de aannemer, is aansprakelijk voor alle schade en vrijwaart aannemer tegen iedere aanspraak van derden ter zake van vergoedingen van schade o.a. in de volgende niet limitatief opgesomde gevallen:
- voormelde schade is ontstaan door ondeskundig en/of met instructies van aannemer strijdig gebruik en/of ondeskundige bewaring (zaken dienen in de originele verpakking conform aanwijzing op de verpakking dan wel conform aanwijzing van de aannemer te worden opgeslagen) van de afgeleverde zaken door de opdrachtgever;
- voormelde schade is ontstaan doordat de opdrachtgever niet conform de door de aannemer of derden gegeven instructies en/of adviezen heeft gehandeld;
- voormelde schade is ontstaan door fouten of onjuistheden in gegevens, materialen, informatiedragers e.d. die door of namens de opdrachtgever aan aannemer zijn verschaft en/of voorgeschreven.
Artikel 7:UITVOERINGSDUUR, UITSTEL VAN OPLEVERING
1. Opgegeven (op)leveringstermijnen en termijnen waarbinnen werkzaamheden moeten zijn verricht, zullen zoveel mogelijk worden aangehouden, maar kunnen nimmer worden beschouwd als fatale termijn, tenzij uitdrukkelijk anders is overeengekomen. Bij overschrijding van de in dit artikel bedoelde termijnen dient de aannemer derhalve altijd schriftelijk in gebreke te worden gesteld, waarbij de aannemer een redelijke termijn gegeven wordt om alsnog na te komen. Zonder voorafgaande schriftelijke ingebrekestelling geraakt de aannemer niet in verzuim.
2.Indien de termijn, waarbinnen het werk zal worden opgeleverd, is uitgedrukt in werkbare werkdagen, wordt onder werkdag verstaan een kalenderdag, tenzij deze valt op een algemeen of ter plaatse van het werk erkende, of door de overheid dan wel bij of krachtens collectieve arbeidsovereenkomst voorgeschreven rust- of feestdag, vakantiedag of andere niet individuele vrije dag.
Werkdagen, respectievelijk halve werkdagen, worden als onwerkbaar beschouwd, wanneer daarop door niet voor rekening van de aannemer komende omstandigheden gedurende ten minste vijf uren, respectievelijk ten minste twee uren, door het grootste deel van de arbeiders of machines niet kan worden gewerkt.
3.Als de oplevering van het werk zou moeten geschieden op een dag die niet een werkdag is zoals omschreven in het eerste lid, geldt de eerstvolgende werkdag als de overeengekomen dag van oplevering.
4.Onverminderd het bepaalde in lid 1 van dit artikel, heeft de aannemer recht op verlenging van de termijn waarbinnen het werk zal worden opgeleverd indien door overmacht, door voor rekening van de opdrachtgever komende omstandigheden, of door wijziging in de overeenkomst dan wel in de voorwaarden van uitvoering, niet van de aannemer kan worden gevergd dat het werk binnen de overeengekomen termijn wordt opgeleverd.
5.Indien de aanvang of de voortgang van het werk wordt vertraagd door factoren, waarvoor de opdrachtgever verantwoordelijk is, dienen de daaruit voor de aannemer voortvloeiende schade en kosten door de opdrachtgever aan de aannemer te worden vergoed.
Artikel 8: OPNEMING EN GOEDKEURING
1.Een redelijke termijn voor de dag waarop het werk naar de mening van de aannemer voltooid zal zijn, nodigt de aannemer de opdrachtgever schriftelijk uit om tot opneming van het werk over te gaan. De opneming geschiedt zo spoedig mogelijk doch uiterlijk binnen acht dagen na de hiervoor bedoelde dag. De opneming vindt plaats door de opdrachtgever in aanwezigheid van de aannemer en strekt ertoe, te constateren of de aannemer aan zijn verplichtingen uit de overeenkomst heeft voldaan.
2.Nadat het werk is opgenomen, wordt door de opdrachtgever aan de aannemer binnen acht dagen schriftelijk medegedeeld, of het werk al dan niet is goedgekeurd, in het eerste geval met vermelding van de eventueel aanwezige kleine gebreken als bedoeld in het zesde lid, in het laatste geval met vermelding van de gebreken, die de reden voor onthouding van de goedkeuring zijn. Wordt het werk goedgekeurd, dan wordt als dag van goedkeuring aangemerkt de dag waarop de desbetreffende mededeling aan de aannemer is verzonden.
3.Wordt niet binnen acht dagen na de opneming een schriftelijke mededeling of het werk al dan niet is goedgekeurd, aan de aannemer verzonden, dan wordt het werk geacht op de achtste dag na de opneming te zijn goedgekeurd.
4.Geschiedt de opneming niet binnen acht dagen na de in het eerste lid bedoelde dag, dan kan de aannemer bij aangetekende brief een nieuwe aanvrage tot de opdrachtgever richten, met verzoek het werk binnen acht dagen op te nemen. Voldoet de opdrachtgever niet aan dit verzoek, dan wordt het werk geacht op de achtste dag na de in het eerste lid bedoelde dag te zijn goedgekeurd. Voldoet de opdrachtgever wel aan dit verzoek, dan vinden het tweede en derde lid overeenkomstige toepassing.
5. Het werk wordt, ook al zijn de vorige leden van dit artikel niet gevolgd, geacht te zijn goedgekeurd door opdrachtgever indien en voor zover het werk feitelijk in gebruik wordt genomen of kan worden genomen, m.a.w. voldoende gereed is om in gebruik te nemen. De dag van ingebruikneming van het werk of een gedeelte daarvan geldt als dag van goedkeuring van het gehele werk.
6.Kleine gebreken, die gevoeglijk in de onderhoudstermijn (zoals bedoeld in artikel 9 lid 2 van deze algemene voorwaarden) kunnen worden hersteld, zullen geen reden tot onthouding van goedkeuring mogen zijn, mits zij een eventuele ingebruikneming niet in de weg staan.
7.Met betrekking tot een her opneming na onthouding van goedkeuring vinden de bovenvermelde bepalingen overeenkomstige toepassing.
Artikel 9: OPLEVERING EN ONDERHOUDSTERMIJN
1.Het werk wordt als opgeleverd beschouwd, indien het overeenkomstig artikel 8 is of geacht wordt te zijn goedgekeurd. De dag, waarop het werk is of geacht wordt te zijn goedgekeurd, geldt als dag waarop het werk als opgeleverd wordt beschouwd.
2.De onderhoudstermijn beloopt 30 dagen en gaat in onmiddellijk na de dag waarop het werk overeenkomstig het eerste lid als opgeleverd wordt beschouwd.
3.De aannemer is verplicht de in artikel 8, zesde lid, bedoelde kleine gebreken spoedig te herstellen.
4. De aannemer is verplicht gebreken welke in de onderhoudstermijn aan de dag treden, zo spoedig mogelijk te herstellen, met uitzondering echter van die waarvoor de opdrachtgever op grond van artikel 4, eerste lid, verantwoordelijkheid draagt, en/of waarvoor hij op grond van artikel 4, tweede lid aansprakelijk isen met uitzondering van gebreken die opdrachtgever had kunnen ontdekken bij oplevering. De verplichting van de aannemer vervalt indien er sprake is van opzet of bewuste roekeloosheid van de opdrachtgever, of wanneer het gebrek is ontstaan door ondeskundig en/of met instructies/adviezen van aannemer strijdig gebruik en/of ondeskundige bewaring.
Artikel 10: AANSPRAKELIJKHEID NA OPLEVERING
1.Na oplevering is de aannemer niet meer aansprakelijk voor tekortkomingen aan het werk, behoudens indien het werk of enig onderdeel daarvan door schuld van de aannemer een gebrek bevat dat door de opdrachtgever redelijkerwijs niet eerder onderkend had kunnen worden en de aannemer van dat gebrek binnen redelijke termijn na ontdekking mededeling is gedaan, welke termijn op maximaal twee weken na ontdekking wordt gesteld. Voor gebrekendie later worden gemeld, is aannemer niet aansprakelijk.
2.De rechtsvordering uit hoofde van het in het vorige lid bedoelde gebrek is niet ontvankelijk, indien zij wordt ingesteld na verloop van zes maanden na het verstrijken van de oplevering.
Ingeval het in het eerste lid bedoelde gebrek echter als een ernstig gebrek moet worden aangemerkt, is de rechtsvordering niet ontvankelijk, indien zij wordt ingesteld na verloop van drie jaren na het verstrijken van de onderhoudstermijn. Een gebrek is slechts dan als een ernstig gebrek aan te merken indien het de hechtheid van het gebouw of van een essentieel onderdeel daarvan in gevaar brengt.
Artikel 11: OPSCHORTING, BEËINDIGING VAN HET WERK IN ONVOLTOOIDE STAAT EN OPZEGGING
1.De opdrachtgever is niet bevoegd de uitvoering van het werk geheel of gedeeltelijk op te schorten en/of te beëindigen en/of te ontbinden anders dan in het geval van zeer ernstige toerekenbare tekortkomingen van aannemer.
2.De opdrachtgever doet afstand van het wettelijk recht de overeenkomst geheel of gedeeltelijk op te zeggen.
Artikel 12: BOUWSTOFFEN
1.Alle te verwerken bouwstoffen moeten van goede hoedanigheid zijn, geschikt zijn voor hun bestemming en voldoen aan de gestelde eisen.
2.De aannemer stelt de opdrachtgever op zijn verzoek in de gelegenheid bouwstoffen te keuren. De keuring dient te geschieden bij de aankomst hiervan op het werk (eventueel op overeengekomen monsters) of bij de eerste gelegenheid daarna, mits in dat laatste geval de voortgang van het werk niet in gevaar komt. De aannemer is bevoegd bij de keuring aanwezig te zijn of zich te doen vertegenwoordigen.
3.De opdrachtgever is bevoegd bouwstoffen door derden te laten onderzoeken. De daaraan verbonden kosten komen voor zijn rekening, behalve ingeval van afkeuring, in welk geval de kosten voor rekening van de aannemer komen. Door de opdrachtgever ter beschikking gestelde bouwstoffen worden geacht te zijn goedgekeurd.
4.Zowel de opdrachtgever als de aannemer kunnen ingeval van afkeuring van bouwstoffen vorderen dat een in onderling overleg getrokken, door beiden gewaarmerkt verzegeld monster wordt bewaard.
5.De uit het werk komende bouwstoffen, waarvan de opdrachtgever heeft verklaard dat hij ze wenst te behouden, dienen door hem van het werk te worden verwijderd. Alle andere bouwstoffen worden door de aannemer afgevoerd, onverminderd de aansprakelijkheid van de opdrachtgever op grond van artikel 4, vijfde lid.
6.Voor de aangevoerde bouwstoffen draagt de opdrachtgever het risico van verlies en/of beschadiging vanaf het moment waarop zij op het werk zijn aangevoerd gedurende de tijd dat deze daar buiten de normale werktijden onder toezicht van de opdrachtgever verblijven.
Artikel 13: MEER EN MINDER WERK / SCHADEVERGOEDING BIJ STAGNATIE
1.Verrekening van meer en minder werk en schadevergoeding bij stagnatie in het werk vindt o.a. plaats:
- in geval van wijzigingen in de overeenkomst dan wel de voorwaarden van uitvoering, dan wel bij een gewijzigde uitvoering, ook als deze door aannemer worden geïnitieerd mits deze wijzigingen in het belang van opdrachtgever worden uitgevoerd;
- ingeval van afwijkingen van de bedragen van de stelposten, zoals bedoeld in lid 4 van dit artikel;
- ingeval van afwijkingen van verrekenbare hoeveelheden;
- in de gevallen als bedoeld in artikel 19.
- in geval de uitvoering van het werk stagneert om welke reden ook, waarbij de stagnatie niet toerekenbaar is aan aannemer. De gefixeerde schadevergoeding is alsdan minimaal 2% van de totale aanneemsom te vermeerderen met alle meewerk per kalenderdag dat de stagnatie voortduurt. Indien de werkelijk geleden schade hoger uitvalt, kan de werkelijk geleden schade worden gevorderd.
2.Indien bij de eindafrekening van het werk blijkt dat het totaalbedrag van het minder werk het totaalbedrag van het meer werk overtreft, heeft de aannemer recht op een bedrag gelijk aan 10% van het verschil van die totalen.
3.Wijzigingen in de overeenkomst dan wel de voorwaarden van uitvoering zullen schriftelijk worden overeengekomen. Het gemis van een schriftelijke opdracht laat de aanspraken van de aannemer en van de opdrachtgever op verrekening van meer en minder werk onverlet. Bij gebreke van een schriftelijke opdracht rust het bewijs van de wijziging op degene die de aanspraak maakt.
4.Stelposten zijn in de overeenkomst genoemde bedragen, die in de aannemingssom zijn begrepen en die bestemd zijn voor hetzij
- het aanschaffen van bouwstoffen, hetzij
- het aanschaffen van bouwstoffen en het verwerken daarvan, hetzij
- het verrichten van werkzaamheden, welke op de dag van de overeenkomst onvoldoende nauwkeurig zijn bepaald en welke door de opdrachtgever nader moeten worden ingevuld. Ten aanzien van iedere stelpost wordt in de overeenkomst vermeld waarop deze betrekking heeft.
5.Bij de ten laste van stelposten te brengen uitgaven wordt gerekend met de aan de aannemer berekende prijzen respectievelijk de door hem gemaakte kosten, te verhogen met een aannemersvergoeding van 10%.
6.Indien een stelpost uitsluitend betrekking heeft op het aanschaffen van bouwstoffen, zijn de kosten van het verwerken daarvan in de aannemingssom begrepen en worden deze niet afzonderlijk verrekend. Deze kosten zullen echter worden verrekend ten laste van de stelpost, waarop de aanschaffing van die bouwstoffen wordt verrekend voor zover zij door de invulling die aan de stelpost wordt gegeven hoger zijn dan die waarmee de aannemer redelijkerwijs rekening heeft moeten houden.
7.Indien een stelpost betrekking heeft op het aanschaffen van bouwstoffen en het verwerken daarvan, zijn de kosten van verwerking niet in de aannemingssom begrepen en worden deze afzonderlijk ten laste van de stelpost verrekend.
8.Indien in de overeenkomst verrekenbare hoeveelheden zijn opgenomen, en deze hoeveelheden te hoog of te laag blijken om het werk tot stand te brengen, zal verrekening plaats vinden van de uit die afwijking voortvloeiende meer of minder kosten.
9.Indien aannemer recht heeft op een meerwerkvergoeding vindt verrekening plaats tegen door aannemer gebruikelijk gehanteerde prijzen (als er een aannemersbegroting is, tegen de eenheidsprijzen uit die begroting) te verhogen met een aannemersvergoeding van 10%. Betaling van het meerwerk door opdrachtgever dient te geschieden direct na uitvoering daarvan. Aannemer heeft het recht betaling van 50% van het uitvoeren meerwerk op voorhand van opdrachtgever te verlangen, bij gebreke waarvan aannemer niet verplicht kan worden dit meerwerk uit te voeren. Minderwerk wordt verrekend door aannemer gebruikelijk gehanteerde prijzen (als er een aannemersbegroting is, tegen de eenheidsprijzen uit die begroting). Opdrachtgever heeft daarbij geen recht op teruggave van aannemersvergoeding van 10%.
Artikel 14: BETALING IN TERMIJNEN
1.Indien betaling in termijnen is overeengekomen, zendt de aannemer telkens bij of na het verschijnen van een betalingstermijn de desbetreffende termijnfactuur aan de opdrachtgever toe.
2.De aannemer is bevoegd het bedrag van een termijn op de factuur te verhogen met een kredietbeperkingstoeslag van maximaal 2%. De toeslag wordt verschuldigd indien betaling plaatsvindt na de in het derde lid aangegeven vervaldag.
3.Betaling van een termijn dient plaats te vinden uiterlijk 14 dagen na de dag waarop de aannemer de termijnfactuur aan de opdrachtgever heeft toegezonden, een en ander onverminderd het bepaalde in artikel 16.
Artikel 15: EINDAFREKENING
1.Binnen een redelijke termijn na de oplevering dient de aannemer de eindafrekening in.
2.De eindafrekening biedt een volledig overzicht van al hetgeen partijen over en weer ingevolge de overeenkomst verschuldigd zijn en waren. In de eindafrekening wordt daartoe onder meer opgenomen:
- de aannemingssom;
- een specificatie van het meer en minder werk;
- een specificatie van al hetgeen partijen op grond van de overeenkomst van elkaar te vorderen hebben en hadden.
4.De aannemer is bevoegd het bedrag van de eindafrekening op de factuur te verhogen met een kredietbeperkingstoeslag van maximaal 2%. De toeslag wordt verschuldigd indien en voor zover de betaling plaatsvindt na de in het vierde lid aangegeven vervaldag.
5.Betaling van het aan de aannemer verschuldigde bedrag van de eindafrekening dient plaats te vinden uiterlijk 30 dagen na de dag waarop de aannemer de eindafrekening heeft ingediend, een en ander onverminderd het bepaalde in artikel 16.
Artikel 16: OPSCHORTING EN BETALING
1.Indien het uitgevoerde werk niet voldoet aan de overeenkomst heeft de opdrachtgever het recht de betaling geheel of gedeeltelijk op te schorten. Het met de opschorting gemoeide bedrag dient in redelijke verhouding te staan tot de tekortkoming.
Artikel 17: IN GEBREKE BLIJVEN VAN DE OPDRACHTGEVER
1.Indien de opdrachtgever met de betaling van hetgeen hij ingevolge de overeenkomst aan de aannemer verschuldigd is al dan niet gedeeltelijk in gebreke blijft, is hij daarover met ingang van de vervaldag de wettelijke rente verschuldigd. Indien na verloop van 14 dagen na de vervaldag nog geen betaling heeft plaatsgevonden, wordt het in de voorgaande zin bedoelde rentepercentage met 2 verhoogd.
2.Indien de opdrachtgever niet tijdig betaalt, is de opdrachtgever voorts gehouden tot volledige vergoeding van de buitengerechtelijke en gerechtelijke kosten, welke verband houden met de inning van de vordering, waaronder alle volledige daadwerkelijke kosten berekend voor rechtsbijstand en juridisch advies, zoals volledige deurwaarders- en advocaatkosten en eventueel kosten van andere derden, waarvan de hoogte wordt bepaald op minimaal 15% van het totale openstaande bedrag (exclusief btw) met een minimum van € 500,00 (zegge: vijfhonderd euro), een en ander uitdrukkelijk in afwijking van het Liquidatietarief rechtbanken en gerechtshoven.
3. De aannemer kan in omstandigheden zoals hiervoor in lid 2 bepaald of in hiermee overeenstemmende omstandigheden, zonder nadere ingebrekestelling of rechterlijke tussenkomst, de overeenkomst geheel of gedeeltelijk ontbinden, al dan niet gecombineerd met een eis tot schadevergoeding.
4. Indien de opdrachtgever niet tijdig aan diens betalingsverplichtingen heeft voldaan, is aannemer bevoegd de nakoming van de jegens de opdrachtgever aangegane verplichtingen tot levering c.q. tot het verrichten van werkzaamheden, op te schorten totdat de betaling is geschied of deugdelijke zekerheid hiervoor is gesteld. Hetzelfde geldt reeds vóór het moment van in gebreke c.q. in verzuim zijn indien Aannemer het redelijke vermoeden heeft dat er redenen zijn om aan de kredietwaardigheid van de opdrachtgever te twijfelen.
6. Door de opdrachtgever gedane betalingen strekken steeds in de eerste plaats ter afdoening van alle verschuldigde renten en kosten en vervolgens ter afdoening van de oudst opeisbare factuurbedragen die het langst openstaan, zelfs al vermeldt de opdrachtgever dat de voldoening betrekking heeft op een latere factuur.
7.Tot op het tijdstip waarop de opdrachtgever volledig aan diens ermee verband houdende betalingsverplichtingen jegens aannemer heeft voldaan, is de opdrachtgever niet bevoegd geleverde zaken aan derden in onderpand te geven en/of een bezitloos pandrecht erop te vestigen of anderszins te bezwaren of te vervreemden, en/of de zaken voor opslag in de feitelijke macht van een of meerdere financiers te brengen. Indien opdrachtgever in strijd met deze bepaling handelt zal dit worden aangemerkt als een toerekenbare tekortkoming aan zijn zijde. Aannemer kan alsdan terstond, zonder tot enige ingebrekestelling te zijn gehouden, haar verplichtingen uit de overeenkomst opschorten, dan wel de overeenkomst ontbinden, onverminderd het recht van aannemer op vergoeding van schade, kosten, gederfde winst en rente daarbij inbegrepen.
8.Aannemer is steeds gerechtigd om – al dan niet opeisbare – vorderingen te verrekenen met vorderingen die aannemer heeft op opdrachtgever. Voor zover enigerlei toestemming van de zijde van de opdrachtgever is vereist, wordt deze toestemming geacht onvoorwaardelijk en onherroepelijk aan aannemer te zijn verleend middels acceptatie van deze algemene voorwaarden.
Artikel 18: IN GEBREKE BLIJVEN VAN DE AANNEMER
1.Indien de aannemer zijn verplichtingen ter zake van de aanvang of de voortzetting van het werk niet nakomt en de opdrachtgever hem in verband daarmee wenst aan te manen, zal de opdrachtgever hem schriftelijk aanmanen om zo spoedig mogelijk de uitvoering van het werk aan te vangen of voort te zetten.
Artikel 19: GEWIJZIGDE UITVOERING
1.Indien tijdens de uitvoering van het werk blijkt, dat het werk of een onderdeel daarvan door onvoorziene omstandigheden slechts gewijzigd kan worden uitgevoerd, treedt de partij die het eerst met deze omstandigheid bekend wordt in overleg met de andere partij tenzij er sprake is van een bijzondere spoedeisendheid c.q. een bijzonder belang. De aannemer wijst de opdrachtgever daarbij in beginsel op de financiële consequenties doch het nalaten daarvan ontslaat de opdrachtgever niet van het vergoeden van meerwerk nu deze geacht wordt te begrijpen dat een gewijzigde uitvoering meer-/minderwerkkosten met zich kan brengen. Een overeengekomen gewijzigde uitvoering wordt als meer en minder werk verrekend en ook een niet overeengekomen gewijzigde uitvoering wordt als meer en minder werk verrekend nu de opdrachtgever geacht wordt te begrijpen dat een gewijzigde uitvoering meer-/minderwerkkosten met zich kan brengen.
Artikel 20: ONMOGELIJKHEID VAN UITVOERING
1.Indien de uitvoering van het werk onmogelijk wordt doordat de zaak waarop of waaraan het werk moet worden uitgevoerd tenietgaat of verloren raakt zonder dat dit aan de aannemer kan worden toegerekend, is deze gerechtigd tot een evenredig deel van de overeengekomen prijs op grondslag van de verrichte arbeid en gemaakte kosten, behoudens het bepaalde in lid 2 van dit artikel.
2.In geval sprake is van toerekenbaarheid aan opdrachtgever, heeft de aannemer in dat geval recht op de gehele aannemingssom/prijs, vermeerderd met de kosten die hij als gevolg van de niet voltooiing heeft moeten maken en verminderd met de hem door de beëindiging bespaarde kosten. De aannemer zendt de opdrachtgever een gespecificeerde eindafrekening van hetgeen de opdrachtgever ingevolge de opzegging verschuldigd is.
Artikel 21: EIGENDOMSVOORBEHOUD
1.De aannemer behoudt zich de eigendom van geleverde en te leveren zaken voor tot op het tijdstip waarop de opdrachtgever aan diens ermee verband houdende (betalings-)verplichtingen jegens de aannemer volledig heeft voldaan. Die betalingsverplichtingen bestaan uit het betalen van de koopprijs, aanneemprijs of prijs van de opdracht, vermeerderd met vorderingen ter zake van verrichte werkzaamheden die met die levering en/of opdracht verband houden, alsmede vorderingen ter zake van eventuele schadevergoeding omdat opdrachtgever in de nakoming van zijn verplichtingen is tekortgeschoten.
2. De opdrachtgever is verplicht de aannemer terstond schriftelijk op de hoogte te stellen van het feit dat derden rechten doen gelden op zaken waarop krachtens dit artikel een eigendomsvoorbehoud rust.
Artikel 22:BOETES
Aan opdrachtgever opgelegde boetes door of vanwege de overheid ongeacht uit hoofde van welke wet, zullen nimmer verhaalbaar zijn op aannemer.
Artikel 23: GESCHILLEN
1. Op de tussen de aannemer en de opdrachtgever gesloten overeenkomsten is uitsluitend Nederlands recht van toepassing.
2.Uit de overeenkomsten voortvloeiende geschillen zullen worden voorgelegd aan de bevoegde rechter van de rechtbank Oost-Brabant.